Begin het jaar met Totò: het Napolitaanse kalendergedicht

Op 1 januari kijken we allemaal vooruit: vol hoop, dromen en plannen voor het nieuwe jaar. In Napels werd dat gevoel ooit prachtig verwoord in het Napolitaanse kalendergedicht Calannario, geschreven door Totò (Antonio De Curtis). Het neemt je mee door het jaar, maand voor maand, en laat zien dat het leven vol hoop, liefde en kleine realiteiten zit, van de vrolijkheid van januari tot de melancholie van november.

Het gedicht is geschreven in het karakteristieke Napolitaans, vol ritme en beeldrijke taal, die de seizoenen, de natuur en menselijke emoties vangt. Het is een humoristisch werk, dat tegelijk een realistisch beeld van het dagelijks leven laat zien. Een goede manier om het nieuwe jaar te beginnen, met een vleugje Napolitaanse humor en cultuur.

toto gedicht napels

Calannario – Originele tekst door Antonio De Curtis (Totò)

Mo accumencia l’anno nuovo,
è Jennaro, ch’alleria!
Cu ‘a speranza e ‘a fantasia,
tu te pienze ca chist’anno
forse è cchiù meglio ‘e chill’ato…
quanno è a fine t’he sbagliato.

A Febbraio nce sta ‘o viglione:
chi se veste d’arlecchino,
pulcinella o colombina…
e me fanno tanta pena
chesti ggente cu sti facce:
ma songh’uommene o pagliacce?!

Quanno vene ‘o mese ‘e Marzo
pure ‘e ggatte fanno ammore,
ch’aggia fa? Me guardo a lloro?
‘Mmiezo ‘e grade cu ‘a vicina,
faccio un anema e curaggio
e m’acchiappo nu passaggio.

Comme è ddoce ‘o mese Abbrile,
tutta ll’aria è profumata!
P’ ‘e ciardine quanno è ‘a sera
cu na femmena abbracciata,
musso e musso, core e core…
tutta smania e tutto ammore.

Quant’è bello ‘o mese ‘e Maggio
quanno schioppano sti rrose!
Che prufumo int’a stu mese
pe Pusiileco addiruso!
Stongo ‘nterra o ‘mparaviso
quanno tu staje ‘mbraccio a mme?

Quanno è Giugno la stagione
vene e trase chianu chiano:
s’ammatura pure ‘o ggrano,
s’ammatura tutte cose…
Pure ‘a femmena scuntrosa
tu t’ ‘a cuoglie cu nu vaso.

Quanno è Luglio ‘mmiezo ‘o mare,
‘ncopp’ ‘a spiaggia, ‘nterra ‘a rena
mamma mia, quanta sirene!
Io cu ll’uocchie m’ ‘e magnasse;
guardo a chesta, guardo a chella,
ma pe mme tu si ‘a cchiù bella!

Quanno è Austo che calore!
lo nun saccio che me piglia…
Chistu sole me scumpiglia!
E te guardo cu passione:
volle ‘o sango dint’ ‘e vvene
e nisciuno me trattene.

è chest’aria settembrina
ca te mette dint’ ‘e vvene
tanta smania ‘e vulè bbene!
Nu suspiro, ciente vase
mille cose e ‘o desiderio
ca st’ ammore fosse serio.

Vene Uttombre, int’ ‘a stu mese
ll’aria è fresca p’ ‘a campagna.
Chisto è tiempo d’ ‘a vennegna,
si t’astrigne a na cumpagna
zittu zittu dint’ ‘a vigna,
nun se lagna e lass’a fà.

Chiove, nebbia, scura notte.
Stu Nuvembre porta ‘mpietto
nu ricordo fatto a llutto:
nu canisto ‘e crisanteme…
chistu sciore, che tristezza,
mette ‘ncore n’amarezza!

A Natale, ‘o zampugnaro,
‘e biancale, ‘e spare, ‘e bbotte,
‘o presebbio a piede ‘o lietto.
Quann’ è ‘mpunto mezanotte
cu mugliereta tu miette
‘o Bambino dint’ ‘a grotta…

Kalender – Antonio de Curtis (Totò)

Wanneer het nieuwe jaar begint,
is het januari, wat een vrolijkheid!
Met hoop en fantasie
denk je dat dit jaar
misschien beter zal zijn dan het vorige…
maar aan het einde heb je je vergist.

In februari is er carnaval:
wie zich verkleedt als Arlecchino,
Pulcinella of Colombina…
en ik heb zoveel medelijden
met die mensen met zulke gezichten:
zijn het mannen of clowns?!

Wanneer de maand maart komt,
maken zelfs de katten liefde,
wat moet ik doen? Ze bekijken?
Tussen het plezier met de buurvrouw,
met een beetje moed en durf,
pak ik een kans.

Hoe zoet is de maand april,
de hele lucht geurt heerlijk!
In de tuinen, ’s avonds,
met een vrouw in mijn armen,
neus tegen neus, hart tegen hart…
alleen verlangen en alleen liefde.

Hoe mooi is de maand mei
wanneer de rozen bloeien!
Wat een geur in deze maand
voor het beminnelijke Posillipo!
Ben ik op aarde of in de hemel
wanneer jij in mijn armen ligt?

Wanneer juni arriveert,
komt en gaat het langzaam:
het graan rijpt,
alles rijpt…
Zelfs de norsige vrouw
vang je met een bloempot.

Wanneer juli is, midden in de zee,
op het strand, in het zand,
mamma mia, zoveel zeemeerminnen!
Ik wil ze allemaal opeten met mijn ogen;
ik kijk naar deze, ik kijk naar die,
maar voor mij ben jij de mooiste!

Wanneer augustus is, wat een hitte!
Ik weet niet wat er met me gebeurt…
Deze zon maakt me verward!
En ik kijk naar jou vol passie:
het bloed wil door mijn aderen stromen
en niemand kan me tegenhouden.

Het is deze septemberlucht
die in je aderen
zoveel verlangen naar liefde zet!
Een zucht, honderd kussen,
duizend dingen en de wens
dat deze liefde serieus mag zijn.

Oktober komt, in deze maand
is de lucht koel voor het platteland.
Dit is de tijd van de wijnoogst,
als je een vriendin stevig vasthoudt
stilletjes in de wijngaard,
klaagt ze niet en laat het gebeuren.

Het regent, mist, donkere nacht.
Deze november brengt in het hart
een herinnering vol rouw:
een mand vol chrysanten…
Deze bloem, wat een droefheid,
brengt opnieuw bitterheid in het hart!

Met kerst, de doedelzakspeler,
de koeken, de schoten, de slagen,
de kerststal aan het voeteneind van het bed.
Wanneer het middernacht is,
leg je, samen met je vrouw,
het kindje in de grot…

Napels met een Nederlandse local

Tijdens mijn Nederlandstalige wandeltour door Napels vertel ik verhalen over de lokale cultuur, tradities en het dagelijkse leven van de inwoners. We wandelen door smalle straatjes, over historische pleinen en langs iconische plekken, terwijl de rijke geschiedenis van de stad tot leven komt. Het is een persoonlijke en levendige manier om Napels te ervaren.

felicia napels napoli

Napels met een local

⭐️⭐️⭐️⭐️⭐️

felicia salerno travel